Orwell in 1936: onderzoeker in Wigan

Het was er onvoorstelbaar goor. De glazen kroonluchter in het slaapzaaltje was bedekt met een laag stof zo dik als een vacht. Tijdens het ontbijt vulde de keuken zich met de geur van de uitwerpselen die dreven in een onder de tafel weggeschoven po. Hij was behoorlijk door de wol geverfd, maar tegen deze smeerboel was toch ook George Orwell niet opgewassen. Na tien dagen hield de schrijver het verblijf in het gruwelijke logement voor gezien.

Het was begin 1936. Orwell verzamelde materiaal voor een nieuw boek. De socialistisch angehauchte uitgever Victor Gollancz had bij de schrijver een reportage besteld over de in een economische neergang meegesleurde industriegebieden in Noord-Engeland. Orwell, door Gollancz bedacht met een genereus voorschot, trok door Yorkshire en Lancashire, studie makend van de werk- en leefomstandigheden van het industrieproletariaat. Het langst vertoefde hij in Wigan, een mijnstadje dat wereldberoemd zou worden door het uiteindelijk bij Gollancz ingeleverde boek: The Road to Wigan Pier.

Wigan maakte benarde tijden door. Het werkloosheidscijfer was tot ongekende hoogten gestegen. Orwell wilde van alles het fijne weten en gedroeg zich als een moderne cultureel-antropoloog. Hij observeerde en participeerde. Hij bezocht bijeenkomsten van socialisten en communisten, en kwam bij mijnwerkers aan huis. Ook nam hij straatinterviews af. Een respondent zou zich de onderzoeker jaren later weten te herinneren als een lange, magere gentleman, die met een smoezelige regenjas aan en een verfomfaaide deukhoed op hem en zijn maten grondig doorzaagde over hun ervaringen met werkloosheid.

The Orwell at Wigan Pier, formerly Gibson’s warehouse, originally built in 1777, re-built in 1984. Wigan Pier was made famous by a joke and a book. George Formby Senior (father of the more famous ukulele-playing George Junior) included jokes about Wigan Pier in his Victorian Music Hall act whilst writer George Orwell used the pier as a symbol of the region’s industrial decline when he wrote the book The Road to Wigan Pier. (© Mat Fascione and licensed for reuse under this Creative Commons Licence)

Geen moeite was Orwell te veel. Nieuwsgierig naar de ins en outs van het mijnbedrijf, daalde hij af in een mijnschacht om vervolgens met een ploegje kompels de horizontale voettocht naar de kolenwinplaats te ondernemen. De ondergrondse gangen waren aan de lage kant. Voor de lange schrijver zat er niets anders op dan de drie mijl dubbelgevouwen af te leggen. Het bekwam Orwell slecht. Zijn onderzoek moest worden stilgelegd. Drie dagen lang vertoonde de fysiek gesloopte schrijver zich niet buiten de muren van zijn ten hemel schreiende logement.

Overtuigd socialist

Wigan figureert in Orwell Remembered van Bernard Crick en Audrey Coppard (1984). In dit boek brachten de auteurs de meest aansprekende herinneringen en getuigenissen bijeen van mensen die Orwell van nabij hebben meegemaakt. Ook voor het tv-interview dat een BBC-medewerker in 1970 had met een zekere Joe Kennan werd plaats ingeruimd.

Kennan, ten tijde van Orwells onderzoek een werkloze mijnwerker, heeft de schrijver in Wigan als gids terzijde gestaan. Deze politiek actieve autochtoon – Kennan was lid van de Independant Labour Party – regelde van alles voor Orwell, inclusief het mijnbezoek. In het interview komen Orwells politieke opvattingen aan bod. Orwell, zegt Kennan:

[…] scheen op zoek te zijn naar een filosofie. Hij wilde binnendringen in de denkwereld van de mijnwerkers en meer in het bijzonder van de werklozen onder hen. Een stuk of wat jongens die werkelijk links stonden twijfelden aan Orwells oprechtheid. Hij was nogal uit de hoogte en in sommige opzichten een snob, en hij probeerde met beide voeten op de grond te komen en uit te zoeken hoe de situatie werkelijk was. En op geen enkele manier kan worden volgehouden dat Orwell een overtuigd socialist was, hoezeer hij ook vond dat de situatie schreeuwde om radicale veranderingen.

Dit oordeel over Orwells politieke geaardheid strookt niet met het beeld dat de schrijver in The Road to Wigan Pier van zichzelf schetst. Hij komt uit het boek wel degelijk als een overtuigd socialist naar voren. Het socialisme, door hem rijkelijk vaag omschreven als een beweging die moet strijden voor vrijheid en gerechtigheid en tegen elke vorm van tirannie, is volgens Orwell de enige remedie voor het kwaad dat hij in Noord-Engeland heeft gezien. De schrijver uitte deze mening waarschijnlijk al in Wigan. Maar over iets anders zal hij ook wel niet hebben gezwegen: zijn afkeer van bepaalde types die in Engeland op de socialistische beweging afkwamen, ‘vegetariërs met verlepte baarden’, ‘ernstige dames op sandalen’, ‘harige marxisten die moeilijke woorden herkauwen’, ‘ontsnapte quakers’. Orwells tirades tegen dit soort ‘appelsap drinkende halfzachten’ zullen hebben gemaakt dat de linkse jongens van Wigan het zaakje toch niet helemaal vertrouwden.

The Road to Wigan Pier werd er niet minder indringend om.


Bron: Historisch Nieuwsblad 1/2000.